Sunday, October 26, 2008

De jeugd van tegenwoordig

Eén van de meest filosofische uitdrukkingen die ik ooit heb gehoord - en die ik bijgevolg tegenwoordig ook regelmatig placht te bezigen - is "de jeugd van tegenwoordig".
De jeugd van tegenwoordig is altijd onbeschofter dan de uitspreker ervan in zijn eigen jeugd ooit is geweest. De jeugd van tegenwoordig is losbandiger, brutaler, dronkener, vandalistischer, en vooral ook jonger. De jeugd van tegenwoordig, daar is niets mee aan te vangen.
Die uitdrukking is zo filosofisch, zo psychologisch, omdat we er zoveel van onszelf in terugvinden. De jeugd is niet jonger, wij zijn ouder. De jeugd is niet onbeschofter, wij zijn onze wilde haren kwijt. De jeugd is niet losbandiger, wij zijn het plezier in ons leven kwijt. We maken onszelf wijs dat we dat hebben ingeruild voor groter deugden. Wij, bezigers van de uitspraak "de jeugd van tegenwoordig", wij zijn studenten, mannen en vrouwen van de wetenschap, wij werken en dragen onze steen bij aan de samenleving, wij hebben gezinnen, wij dragen zorg voor anderen die de jeugd van tegenwoordig ook niet kunnen luchten. Wij zijn verantwoordelijk. Dat zijn echte deugden, niet al dat hersenloos genot waar de jeugd van tegenwoordig achter loopt.
De werkelijkheid is natuurlijk anders. Zo niet zou de uitdrukking geen filosofische waarde hebben. Wij zijn de jaloersen. De mens wil geen verantwoordelijkheid, de mens wil zijn vrijheid. Om zonder beslommeringen door het leven te lopen. Om te genieten, van de ondraaglijke zwaarte van het bestaan weg te lopen, en te copuleren dat het een lieve lust is. En op mekaars bakkes te toeken, iedereen is copuleerconcurrentie. Maar wij zijn beschaafd. Wij hebben een samenleving, en het is niet meer verantwoordelijk om te erop los te copuleren. Dat is voor konijnen en bonobo's, wij zijn geëvolueerd. Neen, die alcohol, dat doen lagere diersoorten niet, dat is een probleem dat net gecreëerd is door onze ver gedreven evolutie. Maar ook daar zijn we nu aan het door-evolueren, en gelukkig maar.
Maar onze jeugd, enfin, tenminste die van tegenwoordig, want wij waren zo niet, die weten niet beter. Men zegt dat een embryo ongeveer heel het evolutieproces in sneltempo opnieuw doormaakt. Onze jeugd, tenminste die van tegenwoordig, zitten nog even vast in een vorig stukje evolutie. Zij weten nog niet beter. Zij copuleren nog maar, zuipen er op los, en slagen daardoor mekaar ook maar bijeen. Geen nood, ze evolueren nog wel door. En op een goeie ouwe dag evolueren ze zo ver door dat ze kunnen zagen. Zagen over de jeugd van dan. Wie op de lijn van de evolutie staat, kan ze zelf niet zien.

b. Your window to puberty.

Saturday, October 25, 2008

Jongen

"Ik vind u koddig in uw blootje," zei ik. Hij lachte. Het was lang geleden dat ik dat gezien had.
"Waarom?" vroeg hij met nog steeds diezelfde glimlach. Zijn ogen worden altijd dieper als hij stomme vragen stelt.
"Hij wipt zo grappig als je in bed stapt."
Ik heb me vaak afgevraagd of wat we hadden geen fout was. We waren jong geweest toen we voor het eerst vrijden. Toen hij voor het eerst met mij vrijde. Maar het voelde goed. Ik heb nooit anders geweten dan dat twee jongens hoorden te kussen. Maar we waren zo verschillend, dat zijn we altijd geweest. Hij was stil, ik een clown. Hij was dom, ik was slim. Ik was gelukkig.
Ik had geen zin om hem te pijpen, hoe koddig hij er ook bij zat. Het was niet dat ik geen zin had om dicht bij hem te zijn, zo dicht, want dat had ik wel. Maar seks is zo platvloers. 
Dat vonden we allebei, tien jaar geleden ook al. Seks konden we alleen, kussen niet. Natuurlijk deden we het wel als we konden, daar werd je arm minder moe van. Maar een gestolen, geheime kus, daar deden we het voor.
Ik zag dat hij me begreep. Zijn piemel was even opgewipt, maar als met een parachute weer zachtjes geland. Zijn zoengericht brein had een oprotbevel naar zijn erectie gestuurd. Onze lippen raakten, tongen evenzeer, speeksel wisselde van mond. En daarna gingen we lepeltje liggen.
Zo lagen we ook toen zijn vader ons vond. Lepeltje. Allebei koddig, allebei met een glimlach. We waren nog steeds jong. In het maïsveld, zijn ouders waren boeren. Hij ook een beetje, soms. Dat mocht hij van mij.
Zijn vader verstond het niet. Een meisje had hij gesnapt. Zelfs als het zijn zus was had hij dat gesnapt. Al was het een beest uit de stal, dàt had hij gesnapt. Maar ik? En dat ik dan nog de grote lepel was, dat kon nog minder worden gesnapt. Ik werd weggejaagd. Hij lachte niet zoveel meer toen ik hem terugzag. En hij was minder koddig.
Ik legde mijn arm over hem en streelde zijn schaamhaar. Met mijn andere hand streelde ik zijn rug. De littekens voelden ruw aan, dat doen ze altijd. Ik voelde hoe zijn piemel zich opnieuw roerde.
Dat vertelde hij me toen hij wenend op mijn bed zat. Mijn bed, dat die dag het onze werd. Hij had één miezerig klein valiesje mee. Mijn moeder had ook tranen in de ogen gehad, maar andere dan de zijne. Dat vertelde hij toen, dat hij de hark op zijn rug tot in zijn piemel gevoeld had. Dat zijn vader hem zo, hoe zeer het ook deed, geen pijn had kunnen doen.
Toen zag ik een nieuwe manier om hem te strelen.
We lachten allebei.

Nee, het was geen fout.
Ik kuste zijn nek.

De middagtrein

Middagtreinen zijn anders dan ochtendtreinen. Ze zijn kleiner en leger, de meisjes zijn er hipper, de jongens knapper, de senioren aanwezig. Ochtendtreinen worden bevolkt door de student en de werkende mens. Niemand heeft er reden om gelukkig te zijn, misschien dan met uitzondering van één type ochtendreiziger: de treinvriendjes.
Deze klasse reizigers heeft een vaste wagon, een vast compartiment, en vaste plaatsen in dat compartiment. Indringers worden steevast vies aangekeken, zodat zij veranderen in nog miserabel Ochtendtreiners. De treinvriendjes zijn elkaars beste vrienden, al kennen ze mekaar niet buiten de - regelmatig vertraagde, dat schept een band - muren van de IC-trein. Zij zijn gelukkig, de treinvriendjes, want zij hebben malkander. Tenminste, dat is het vermoeden, dat zij gelukkig zijn. Niemand kent hen immers buiten de trein. Maar ze zien er alleszins gelukkiger uit dan hun niet-gekoppelde miserabele werkmens-collega's.
Een middagtrein daarentegen wordt bevolkt door toeristen, die niet in de stad gaan werken maar er op bezoek gaan. Ze gaan er shoppen, film kijken, genieten. Dat moet wel op hun vrije dag. Morgen worden ze weer Ochtendtreiners, met alle miserie vandien. Vandaag zijn ze nog het Middagvolk, en zijn ze verheven boven de Ochtenders, met wiens gedachte ze nu smakelijk lachen.
Ochtendtreiners lezen de Metro, het gratis krantje van de werkmens. Voor de Middagtreiners zijn de Metro's al lang op, maar het maalt hen niet. Actualiteit is een beslommering, en dus enkel besteed aan de beslommerde mens. De Middagtreiner kijkt uit het raam, dat is veel passender voor hun levensstijl.
Niet alleen toeristen bevolken trouwens de middagtrein. Nee, alle soorten gelukkige mensen vind je hier. Senioren die zich voor een keer niet moeten ergeren aan de luidruchtige - want ongelukkige - ochtendlijk schoolgaande jeugd van tegenwoordig. Studenten die eens een keertje enkel in de namiddag les hebben. Studenten die de voormiddag gebruikt hebben om hun halve-dag-oude kater van zich af te slapen. Zij hebben allen reden om gelukkig te zijn.
En tussen hen zit een existentialistische blogger, een stiekem verdwaalde Ochtender. Hij observeert dit voor hem vreemde Middagvolk, en beschrijft hen voor zijn reisverslag des levens.
Ochtenders en Middagers zijn als Vlamingen en Walen. Ze verstaan mekaar niet, ze komen mekaar amper tegen, en de enen zorgen voor de economische houdbaarheid van de levensstijl van de anderen. De blogger bemerkt, observeert, en glimlacht een gedeelde middagglimlach.

b. Your window to train society.

Friday, October 24, 2008

Dagboek van een seriemoordenaar

Ik keek haar in haar ogen toen ik haar hersens insloeg. Een mens moet ergens naar kijken terwijl hij zoiets doet, en haar ogen leken mij beleefder dan haar borsten. Stel u voor dat uw laatste gedachte is 'gij viespeuk, het is hier boven te doen!' Dat is nu niet bepaald wat ik haar wou inboezemen. No pun intended.
Ze smeekte me om het niet te doen. Om haar te laten leven. Ze wou nog niet dood. Pff, dat doen ze allemaal, als mijn criterium zo simpel zou zijn... Nochtans, ik zweer het, als er ooit eens eentje afkomt met een originele smeekbede, die laat ik leven. Ik ben geen onmens. Maar totnogtoe ben ik er zo geen tegengekomen. En ik weet waarover ik spreek, we zitten ondertussen aan 8.
Waarom doet een mens zoiets? Goh. Als ik dat eens wist. Je hoort weleens van seriemoordenaars die handelen uit woede op de maatschappij. Sommigen uit verveling. Sommigen uit selectieve haat tegen een of andere bevolkingsgroep (hoeren, negers, gelukkige mensen, ...). Maar zo zit het niet bij mij, ik verveel mij niet, en ik ben veel te aimabel om haatdragend te zijn. Ik... laat mij gewoon af en toe eens gaan denk ik. Ik zie niet in waarom niet. Sommigen zuipen, sommigen golfen, dit is mijn schuldig pleziertje.
Enfin, ik was dus aan het vertellen dat ik in haar ogen keek. Dat heeft zijn charmes. Vrouwen kunnen spreken met hun ogen, veel meer dan mannen. Omdat vrouwen ook meer tegelijk kunnen voelen, spreken die ogen dus ook veel meer tegelijk. Als je een man doodt zegt zijn laatste blik òfwel "ge zijt ne klootzak", ofwel "nee alsjeblieft", ofwel "pff, ik was het toch beu". In de ogen van een vrouw lees je dat allemaal tegelijk, en dikwijls nog een "shit, de chauffage staat nog op" erbij ook. Dat zou je nooit kunnen lezen in haar borsten, toch?
Ik hou van mijn job. Ik ben begrafenisondernemer. Ik zou nu niet zeggen dat ik van mijn hobby mijn beroep heb kunnen maken, maar het scheelt wel. Geen kat die weet hoeveel as er nu precies in zo'n urne hoort te zitten, toch? Dus geen haan die er naar kraait als er 1,25 mens per potje zit. Heel handig, dat scheelt heel wat rommel.
Ach ja, af en toe heeft een mens eens een kutdag, en dan moet een mens daar iets aan doen, oke? Wanneer denkt ge dat de meesten gaan zuipen? Of golfen? Niet als ze op hun gelukkigst zijn he... Dus stop al maar snel met oordelen. Maar goed, de oven is warm. Ik heb werk.

b. Your window to Halloween.

Disclaimer: dit verhaal berust geheel op fictie en weerspiegelt de mening en/of persoonlijkheid van de auteur op geen enkele manier. Enige gelijkenissen met bestaande personen berust op louter toeval, de auteur verontschuldigt zich hiervoor.

Thursday, October 23, 2008

Brussel

Ik studeer nu zo'n vijf weken in Brussel. Ik begin aan die stad te wennen. De oordopjes van mijn iPhone hebben geleerd het geluid van de bedelaars te verdrinken, zodat ik niet eens meer moet doen alsòf ik hen niet hoor. Voor zover de immer claxonnerende chauffeurs dat verdrinken nog niet voor mij doen natuurlijk.
Het is een bizarre stad, Brussel. Vanmorgen scheen de zon door de straten terwijl de lucht erboven donker was. Brussel is een schilderij van Magritte. Bizar, het slaat op niet veel, maar het is best te pruimen. Alleen dat ik er met mijn policy enkel Frans te spreken tegen de man/vrouw op straat, en nooit in winkels, tegenwoordig dubbel zo lang over doe om een broodje te bestellen. Zo zij het dan.
Ja, ik kan het wel smaken, dat Brussel. Maar het is mijn Leuven niet. Het eten in de RITS-cafetaria is nog onvretelijker dan de wokgroenten uit de Alma. Het heeft geen studentenkring, en een docentenbeledigende toneelgroep al helemaal niet. En ik woon er niet. Het is een stad die ik 's morgens groeten mag en die ik 's avonds terusten wens. Of die ik in de ochtend mag binnenrijden, en die me op het einde van de dag weer uitspuugt, het is maar hoe je het bekijkt.
Gek genoeg is trouwens ook Leuven mijn Leuven niet meer. Mijn Leuven was een stad waar ik woonde, studeerde, creëerde, losbandig sekste, om 2 uur kebab ging halen en om 3 uur friet. Des nachts, wel te verstaan. Nu is Leuven de stad waar ik al die dingen ooit heb gedaan, in niet meer dan in het beste geval een verre herinnering. Een stad waar ik een deel van een jeugd en menig vriendenhart heb achtergelaten. Waar precies weet ik al niet meer.
Nu heerst er daar een preses die de 24-urenloop haat, slaap ik er op een nog in plastic gehulde extra matras, àls ik er al nog eens slaap (na, jawel, losbandige seks die ik in Brussel nog niet vind), krijg ik er parkeerboetes, en zijn er voor mij geen lessen meer om te brossen. Mijn Leuven is het mijne niet meer.
Ik heb geen stad meer. Ik ben van alle steden. Ik ben van dorps Vlaanderen. Ik woon op treinen met aantrekkelijke conducteurs. Ik ben b. En ik red me wel.

b. Just trying to be his own window to the world right now. 

Saturday, August 16, 2008

USA 2008 - Part 2

Goed, tijd om hier eens een sequel te breien aan mijn reisverslag.
SIGGRAPH is vrijdag afgelopen, en aan de snelle afname van mijn blogtempo zullen jullie waarschijnlijk wel doorhebben dat er daar ENORM veel te doen was. Ik ga proberen zo veel
mogelijk een blow-by-blow verslag te geven van wat een ongelooflijke week is geweest, maar
vergeef me als ik hier en daar iets vergeet.
Laat ik mijn verslag beginnen waar ik - denk ik - vorige keer ben gestopt. We waren niet uitgenodigd voor het papers committee dinner zoals ik dus wel dacht te zijn (viel een klein beetje tegen, maar ik heb me gelukkig niet in genante situaties gewerkt, jeej), waardoor ik gewoon naar de Student Volunteer Orientation kon gaan. Dat is gewoon een gigantische meeting met alle SV's waar ze alle uitleg geven over wat we moeten doen etc. Die orientation was op zich niet zo'n big deal, gezien ik dat toch allemaal vorigjaar al had meegemaakt. Wat wél cool was was de speciale sessie met DreamWorks-mensen die erna kwam, en waar we uitleg kregen over diverse recruteringsmogelijkheden bij DreamWorks, en zelfs een kleine sneak preview van Madagascar 2. Teleurstellend aan die meeting was het nieuws dat ze bij DW zowel werken aan Madagascar 2, Shrek 4 en Kung Fu Panda 2. Sequeltown dus bij DW, maar toch, het zou een enorm coole plek blijven om te werken.
Toen kwam maandag, met een lunch aangeboden door... DreamWorks. Ze waren de hoofdsponsor van het SV programma dit jaar, vandaar. Dit keer echter geen recruiting lady, maar wel de regisseur en de producer van Kung Fu Panda, met wie ik achteraf nog een babbeltje ben gaan doen. That's right, de regisseur en de producer van een echte Hollywood-film, en ik heb er mee gepraat. Niet alleen gepraat, career advice van gekregen. Ik heb hen gezegd dat mijn echte passie regie/story is, en gevraagd wat je moet doen om daarin werk te vinden. Basically is school een goed plan (jeej Rits!), maar gewoon al zoveel mogelijk schrijven en storyboarden is zeker ook een goede hulp. Dus heb ik ondertussen een boek over storyboarding gekocht, en beginnen schetsen. Want je moet helemaal niet goed kunnen tekenen om een goede storyboarder te zijn, dat is zowat mijn grootste les van deze week.
Goed, dat was het coole ding van maandag, nu naar dinsdag. Daar was zowat het coolste ding dat ik gedaan heb denk ik een van de beroemde theepotten van Pixar gehaald. Die delen elk
jaar op SIGGRAPH een limited edition wandelende theepot uit (voor degenen die dit niet weten, een theepot (de Utah Teapot om precies te zijn) is zowat het eerste en meestgebruikte model uit de Computer Graphics). Dit jaar is het een hommage aan 20 jaar Renderman (de in-huis door Pixar ontwikkelde software die ook door zowat elk bedrijf in de filmindustrie wordt gebruikt). Er zijn 3500 exemplaren van dat ding en ik heb er dus eentje. Een van de andere zaken die je kon vinden op de exhibition was een Rubik's Cube van Disney. Nu ben ik altijd ongelooflijk slecht geweest in die dingen, dus heb ik maar eens besloten op te zoeken hoe je dat nu eigenlijk oplost. En ik kan trots melden dat mijn huidig record (van de enige keer dat ik het effectief getimed heb) 5min 29s is.
Woensdag was dan het grote moment voor Toon (mijn thesisbegeleider) aangebroken, hij mocht zijn talk over 'Porous Flow in Particle-based Simulations' geven. Ik was er uiteraard bij (hij heeft mij al genoeg zien zenuwachtig zijn voor presentaties, tijd om de rollen om te keren), en ik moet zeggen dat hij het goed gedaan heeft. Buiten dan de uitspraak van het woord 'parameter', maar vergeleken met de Chinees die voor hem kwam was dat absoluut geen probleem.
Woensdagavond hebben Jef (de andere KULler hier aanwezig) en ik geprobeerd binnen te geraken op een exclusieve party van Disney. We moesten eigenlijk reserveren, maar we wisten
dat niet dus hebben we onze kans zo maar gewaagd. Toen we aan de deur kwamen zeiden twee ongelooflijk sympathieke dames ons dat we moesten terugkomen nadat alle andere geregistreerde gasten waren ingecheckt, en dat ze ons dan zeker zouden binnenlaten. "Score!" dachten we beiden meteen, maar helaas bleef er maar een hoop volk aankomen, en nadat de rij oningecheckte mensen na anderhalf uur nog even lang was, hebben we het maar opgegeven en zijn we naar huis gegaan.
Goed, ondertussen heb ik even het schrijven van deze blogpost gepauzeerd om Burger King te gaan halen. Op de terugweg kwam ik langs een vrij normaal ogend gebouwtje waar erg luide muziek uit kwam. Het bleek een latino kerkje te zijn. Bij ons vind je in slechte buurten hoerenkoten vermomd als huizen. Hier vind je kerken vermomd als flatgebouwen.
Maar terug naar mijn SIGGRAPH verhaal. Vanaf hier kan ik trouwens ook de coole momenten een beetje illustreren met foto's, zoals je hiernaast ziet. We zijn ondertussen donderdag aangekomen. Dat was de dag van de Award ceremony op het SIGGRAPH computer animation festival, waar de hoofdprijs gewonnen werd door het uitstekende Oktapodi. Die film wordt nu, dankzij die 'Best of Show Award', automatisch ingestuurd voor de oscars, dus duimen voor Oktapodi.
Eveneens in dat Nokia Theater waar die awards zijn gehouden was er donderdagavond een screening van Star Wars: the Clone Wars, een dag voor de officiële première. Vandaar dat er een aantal Star Troopers aanwezig waren.
Donderdag is ook de traditionele dag van de receptie op SIGGRAPH. Doorgaans is dat een uitstekende kans om je even tussen de groten der Computer Graphics te mengen en wat rond te horen, te socializen, en dat alles over een lekker hapje en (één) gratis drankje, dit alles in een exotische setting. Dit jaar echter werd er gekozen voor een ander format. Deze receptie was niet zozeer een receptie dan wel een (zij het extreem coole) extra voor de SIGGRAPH attendees. De receptie vond dit jaar namelijk plaats in het stadion van de LA Dodgers, tijdens een (baseball)wedstrijd. Ik heb dus een wedstrijd van de LA Dodgers (die gewonnen zijn) tegen de Phillies bijgewoond. Meer zelfs, een sympathieke Canadees heeft ons ook nog wat uitleg gegeven zodat ik nu dat spel effectief snap. Veel simpeler dan voetbal. (ik kijk naar u, idiote buitenspelregel!) Groot nadeel is wel dat ik nu al twee dagen met dat liedje van tijdens de 7th Inning Stretch in mijn hoofd zit. En noedels, taco's, kipsaté's en carne eten tijdens een baseballwedstrijd is niet gemakkelijk, moest u het zich afvragen.
Goed, ondertus
sen zijn we dus vrijdag, een dag waarop er niet te veel meer gebeurt. Er zijn nog de SV Awards, waar ik een boek (The Non-Designers Book of Design) en een instructie-DVD (Animating Walk Cycles in XSI) gewonnen heb, en natuurlijk het grote afscheid van alle mensen waar je de voorbije week mee hebt rondgehangen, samen gewerkt, hebt leren kennen, ... Toch altijd weer een bizar emotioneel moment, ik kon mezelf er niet goed toe brengen om te vertrekken.
Maar gelukkig heb ik dat wel gedaan, want ik ben dan namelijk naar Hollywood getrokken, om naar de "Behind the Emerald Curtain" tour van Wicked te gaan. Voor de niet-musical-savvy mensen onder u (foei): Wicked is zowat de meest succesvolle musical van dit moment, die ik binnen anderhalve week ook effectief ga zien. Die BtEC tour is basically een uitleg van hoe die productie in mekaar zit, en hoe eender welke Broadway productie werkt, en een hoop coole museumachtige exhibits van de show, waaronder een aantal van de kostuums (die elk zo tussen de $2000 en de $5000 kosten), en een gedetailleerde maquette van de hele scène. Plus, wat je daar vooral te zien krijgt is het ongelooflijk mooie Pantages Theater, dat vroeger een bioscooppaleis was van de studio RKO (destijds een van de groten maar zwaar in verval geraakt tot een erg klein studio'tje nu waar haast niemand van gehoord heeft). Hiernaast staan maar een paar van de foto's die ik daar genomen heb, omdat ik voort moet gaan met het verhaal, maar ik zal er in een volgende post nog wel enkele plaatsen (ik vind de manier van uploaden in blogger net een beetje te irritant om er hier nog een ganse avond mee bezig te zijn).
Nu, dat theater waar Wicked te zien is ligt in hartje Hollywood, op de Hollywood Boulevard, aan de Hollywood Walk of Fame. Nu, die gaan we pas echt fatsoenlijk verkennen eens de bMoeder hier is, maar ik heb toch al een aantal bekende en gewoonweg enorm coole sterren gezien, waaronder Bette Davis (icoon uit de Hollywood-gloriejaren, oa bekend van All About Eve), Joseph L. Mankiewicz (schrijver-regisseur van All About Eve), Vincent Price (de onbetwiste horror-koning van de jaren '70-'80, oa bekend van de originele House of Wax) en Buster Keaton (de andere grote komiek ten tijde van Charlie Chaplin, wiens carrière helaas sneller bergaf is gegaan dan die van Chaplin).
Goed, en nu ga ik eens slapen, om half elf 's avonds hier. Dat is zoals u waarschijnlijk wel weet, uitzonderlijk vroeg voor mij, maar het gaat me deugd doen. Het is een lange week geweest, deze eerste van drie weken in de VS, en morgen wordt een heerlijk rustig dagje. Zeker blijven uitkijken naar de volgende post, want daarin krijgt u niet alleen meer foto's bij deze post, maar ook een aantal van de gekke borden die ik hier al ben tegengekomen. Stay tuned!

b. Your window to the New World.

Sunday, August 10, 2008

USA 2008 - Part 1 (update 2)

/* Nota: dit deel van deze post is geschreven tijdens mijn shift gisteren (zaterdag). Hieronder wordt aangeduid vanaf waar het vandaag (zondag) geschreven is. */
Voor wie het nog niet door heeft: ik heb echt niks te doen op dit deel van mijn shift. Voor wie de eerste twee delen van dit reisverslag nog niet gelezen heeft: scroll eerst naar onder en lees die eerst.

Toen ik zei dat de reis grotendeels uneventful was, was dat toch een beetje minder waar dan ik dacht toen ik dat schreef. Zo zijn mijn iphone oortjes slachtoffer geworden van de trip nadat ik hen moest gebruiken om van de audio bij mijn in-flight movie (vrij te selecteren overigens) te genieten. Ze hadden de hele tijd in de zijkant van mijn stoel ingestoken, en blijkbaar heb ik er tegen gestoten bij het rechtstaan, de jack is stuk gegaan. Maar dat is eigenlijk niet zo interessant.
Wat wel interessant is, is dat ik een tussenlanding heb gemaakt in London Heathrow. Neen, dat is niet het interessante stuk, stay with me here. Daar moest ik van ticket veranderen, want hoewel ik mijn vlucht geboekt heb bij British Midland gebeurde mijn vlucht van London naar Los Angeles met partnermaatschappij United Airlines.
/* Einde van zaterdagstuk, hier moest ik terug nuttig gaan zijn*/

Tijdens dat aanschuiven, kwam ik een heel stoer ogende Amerikaan tegen. Tattoes, lang haar, vestje van Harley Davidson, ergens achteraan in de vijftig, begin zestig. Zo'n echte stoere biker. Na een klein gesprekje over onder andere Los Angeles en film, mezelf uiteraard in mijn stevigste Brits accent dat als sneeuw voor de zon verdween zodra ik voet zette in de VS (b: I'm gonna study film. A: Oh really, where, here in London? b: Oh no, I'm from Belgium, I'm going to study in Brussels. A: Seriously? Belgium? With that accent?) kwamen we op hét gespreksonderwerp der Columbianen. (let ook op de hoofdletters ;))

A: God will take care of it. So, are there a lot of Christians in Belgium?
b: No, not really. Most will call themselves christians, but we're mostly atheists and agnostics.
A: Oh really? How come?
b: I don't know, we still have a lot of catholic schools which are really good, but most of us just kind of stop really believing in god when we grow up.
A: That's a shame.
b: I don't think so, we manage fine without him.
A: Yeah, but I don't really get it, you can't prove He doesn't exist.
b: No we can't, but you can't prove that he does either.
A: Surely not, but I just see him everywhere.
b: I don't. With what I see, I think he's highly improbable.
A: Oh really? Well, anyway, you can't say you don't have a belief. Your not believing in God is a belief in itself.
b: Of course it is, I never said I don't believe in anything. I just don't believe in god. I believe in something.
A: Aha! So you admit that there might be something more out there huh? 
b: That's not what I said, I said I believe in some things.
A:Then what do you believe in?
b: I believe in people. I've heard a lot of people like say that for them "God is Love" and stuff like that. That's pretty easy to say, then don't call it god, just call it love. Sure I believe in that.
A: Aha, but where does that love come from then?
b: People, obviously.
A: Erm, I don't know about that, I think there has to be something more.

En toen ging hij gewoon even over naar een aanbeveling van een boek geschreven door een journalist die ging aantonen dat god niet bestond, maar uitkwam bij het wel bestaan van god. Boek van Lee Stroble of zoiets, als u het wil lezen, be my guest. Maar het klinkt als een idioot, als je denkt dat je het niet-bestaan van iets kan aantonen ben je sowieso al fout bezig en snap je niets van enige vorm van bewijskracht, wat voor mij al eender wat die man gedaan heeft serieus ondermijnt. Nadat ik hem The God Delusion van Richard Dawkins had aangeraden kreeg ik gelukkiglijk mijn ticket en kon ik lustig weer op weg.
Toch weer zo'n typische cultuurshock op Amerikaanse bodem: maakt niet uit hoe stoer ze eruit zien, hoe veel tattoes ze hebben, ze geloven hier in god. En niet de god die we in Europa nog soms zien, een soort van zacht geloof waar mensen een beetje kracht in vinden en waar mensen al eens op terugvallen als het nodig is, maar de god die alles en iedereen controleert, en die je straft als je slecht bezig bent. Volgende keer misschien toch eens proberen de gay card boven te halen, zien wat ze daarop zeggen.
Speaking of which, onlangs zat ik in een Amerikaanse gay chat room, waar ook een kerel zat die probeerde iedereen in de chat room (gaande van mensen als ik die even wilden praten met gelijkgestemde zielen tot mensen die losbandige plas- en diarreeseks zochten met 27 hiv-positieve 14-jarige negermaagden gezeten op paarden die tevens voor dubbele penetratie zouden zorgen. Sorry voor dat grafische beeld, ik bedoelde Afro-Amerikaanse maagden.) te overtuigen om te vertrouwen in Jezus en het losbandige gedrag opzij te schuiven. Nadat ik hem heel subtiel mijn standpunt uit de doeken had gedaan vond hij me een ongelooflijk sympathieke en intelligente jongeman, en hij vond het oprecht jammer dat ik zo ging branden in de hel.

Nog een heel coole zaak die ik trouwens niet verteld heb in mijn eerder verslag van mijn shift is het eten. Deze SIGGRAPH Asia PC shift komt namelijk met heel wat gratis voedsel. Gisteren was er ontbijt (spek, eieren, hash browns (heerlijke ontbijtaardappelen), heel wat fruit, en uiteraard iets lekker zoets om af te sluiten. Middageten was een lekker broodje met een slaatje ernaast, en een heerlijk koekje, dat een voorsmaakje was van het koekenbuffet dat we zouden krijgen later in de namiddag. En toen kwam het avondeten, een heerlijk driegangenmenu met kipfilet. Heel geslaagd dus, en na het bagle & muffin breakfast van deze morgen en de sandwichlunch van deze middag staat me vanavond nog het grote committee dinner ter viering van het einde van het beslissingsproces te wachten. Nodeloos om te zeggen dat ik er nog goed opsta met deze shift dus.

Goed, normaal zou ik nu op 'bericht publiceren' drukken, maar het internet hier in het convention center is niet zò goed en momenteel zit ik zonder. Ik hoop dus dat ik tegen straks kan publiceren, anders moet ik alweer een update gaan schrijven omdat ik dan het committee dinner al achter de rug heb... en ik wil stilaan wel over naar USA 2008 - Part 2. Nu, deze post vind ik ondertussen wel lang genoeg om zijn eigen afsluitertje te verdienen.

b. Your window to god*.

Actual spotting of god highly unlikely.